Literatuurbespreking

Literatuurbespreking Einführung in die Katathym Imaginative Psychotherapie

Harald Ullmann

In zijn boek ‘Einführung in die Katathym Imaginative Psychotherapie (KIP)’, verschenen in september 2017, geeft Harald Ullmann een heldere en stevige kijk in de keuken van de symbooldramamethodiek. Door van der Wiel is enthousiast over het boek en heeft een uitgebreide recensie geschreven.

“In de verhalen word je meegenomen door een zeer ervaren therapeut, theoreticus en didacticus, die soeverein zijn stof beheerst”, zegt L. Kottje-Birnbacher in het blad Imagination 4/2017. En dat is geen woord te veel gezegd. Aan de hand van veel aansprekende gevalsbeschrijvingen beschrijft de auteur levendig en overzichtelijk de KIP in al haar facetten en plaatst deze in het theoretisch veld van de psychotherapie. 

Vanuit het ‘altijd en overal’ aanwezige verbeeldend vermogen van de mens voert hij de lezer naar de professionele toepassing van imaginaties in de KIP en maakt hij de ‘psychotherapie met de dagdroom’ inzichtelijk. Gedetailleerd en met geïllustreerde voorbeelden beschrijft Ullmann de therapeutische procedure met bijbehorende concepten en onderliggende theoretische aannamen. Van diagnostiek en indicatie, van ideeën voor het motiefvoorstel, ontwikkeling van de imaginaties met haar affectieve en symbolische lading, het tekenen en nabespreken van de dagdroom in de dialoog op beeld- én gespreksniveau, tot aan het vinden en consolideren van metaforen en ‘narratieven’, als alternatieve (gezonde) interpretatie van het disfunctioneel geworden levensverhaal en relatiepatronen.

Hij geeft het belang aan van diagnostiek en indicatiestelling op basis van een indeling naar de mate van stabiliteit van persoonlijkheids(ik)-structuur (Diagnostisch-Indicatieve Trias). Het onderkennen van de mate van symboliserend vermogen van de cliënt als indicatie voor de te kiezen behandelstrategie: ‘impliciet’ (steunend structurerend), of ‘expliciet’ (inzichtgevend). Wellicht ook interessant met het oog op het denken over toekenningsvoorwaarden en gesprek hierover met de zorgverzekeraar. 

Verder beschrijft hij, in detail en ook weer rijk geïllustreerd met voorbeelden, de basiselementen van KIP: imaginaties, affecten, de therapeutische relatie, symbolen metaforen en ‘narratieven’.  Aan de hand van inzichten uit de neurobiologie en gehechtheidstheorieën laat hij zien hoe therapeutische veranderingen nieuwe input en consolidering in de verschillende geheugensystemen teweeg kunnen brengen. Hij expliciteert de begrippen affect, emotie, gevoel en maakt het mentaliseren-bevorderend potentieel van de KIP duidelijk. 

Hij verheldert een drietal kernbegrippen, die in de verschillende therapeutische scholen heel verschillende accenten krijgen en zo in de discussies verwarring kunnen wekken: ‘onbewust’, ‘regressie’ en ‘ageren’. Dit komt bijvoorbeeld terug als ‘weerstand’ in de klassieke psychoanalyse, of als ‘proefhandelen’ in de KIP. 

In de uitwerking van ‘kerncompetenties van de KIP-therapeut’ is duidelijk een cliëntgerichte benadering te herkennen, waarbij cliënt en therapeut in een ‘cocreatieve’ werkrelatie ervaringen opdoen. De cliënt wordt hierin gegidst naar het vinden en vormgeven van eigen oplossingen, het mobiliseren van hulpbronnen en het imaginatief oefenen van nieuwe doelen. 

In een laatste hoofdstuk beschrijft Ullmann in detail het therapeutisch systeem van de Katathym Imaginatieve Psychotherapie met een basis- en verdiepingsniveau.

Tot slot geeft hij leestips voor verdieping van de besproken stof. Tevens representeert een uitgebreide literatuurlijst het theoretisch veld, bron en voedingsbodem van zijn gedachtevorming. 

Dit boek biedt een zeer genuanceerde analyse van het therapeutisch proces. Het maakt duidelijk dat symbooldrama, ‘de psychotherapie met de dagdroom’, een psychodynamische therapie is met als onderscheidend kenmerk de therapeutische, systematische en procesmatige hantering van imaginaties. Het boek is helder van opbouw en door de vele aansprekende gevalsbeschrijvingen worden theoretische kernbegrippen, specifieke basiselementen als ook de therapeutische behandelprincipes van de KIP inzichtelijk en zeer begrijpelijk gemaakt. Het verheldert ook de in KIP-literatuur veel gebruikte psychoanalytische terminologie en begrippen (zoals ‘afweer’, ‘conflictduiding’, ‘(tegen)overdracht’) en positioneert deze in hun historisch onderliggende betekenis zo, dat gebruik van deze begrippen in de KIP (-literatuur) inzichtelijk wordt en wellicht de weerstand ertegen wat weg kan nemen.  

Dit boek is een aanrader voor zowel de beginnende als de gevorderde KIP-therapeut.